Joris Luyendijk stelt in zijn betoog over Het Eerlijke Verhaal: “Als het eerlijke verhaal zou werken, werd het wel vaker verteld.”  Want, zegt hij: “Wat als het eerlijke verhaal langer duurt of saaier is dan het vertekende verhaal? Wat als het eerlijke verhaal het publiek confronteert met feiten of constateringen waar dat publiek een onaangenaam gevoel van krijgt zoals machteloosheid, hulpeloosheid, frustratie, schaamte, schuld, verantwoordelijkheidsgevoel? De conclusie is dat het eerlijke verhaal volgens mij luidt dat het eerlijke verhaal vaak niet werkt.”

Joris Luyendijk wil liever geen journalist genoemd worden, maar zette als antropoloog de journalistiek regelmatig op zijn kop.Hij schreef columns voor NRC, presenteerde Zomergasten en brak door bij het grote publiek met het boek ‘Het zijn net mensen’. Hierin levert hij op geraffineerde wijze kritiek op de manier waarop journalisten over het Midden-Oosten berichtten. Het levert hem kritiek op van collega’s, maar ook de prijs ‘Journalist van het jaar’. Vier jaar na het uitbrengen van Het zijn net mensen wordt Luyendijk gevraagd om een maand mee te lopen op het Binnenhof. Hierover schrijft hij ‘Je hebt het niet van mij maar…’ over de dagelijkse politieke beslommeringen in Den Haag.

Vanaf 2011 gaat hij voor The Guardian vanuit een antropologisch perspectief de financiële wereld van de Londense City beschrijven. Hij houdt zijn bevindingen bij op een Banking blog. In 2017 schreef hij’ Kunnen we praten’, een uitnodiging aan mensen die overwogen PVV te gaan stemmen. Een samenwerkingsproject van Atlas Contact, De Correspondent, Algemeen Dagblad en WNL. Hoogste tijd om eens te kijken naar wat wel goed gaat. ‘Hoe hou jij de moed erin?’, vroeg Luyendijk aan honderd interessante mensen. Hun antwoorden staan in het boek Hoop, dat oktober 2019 verscheen.